Bij ontwerpen voor bovengronds, zoals pleinen en straten, wordt er rekening gehouden met zones. Zones voor grijs en zones voor groen. Waar komt de weg, waar kun je straks parkeren? Ondergronds worden er voor de riolering en de nutsvoorzieningen, dus de grijze zones, ook zones geclaimd. Met als resultaat dat er vanuit grijs zoveel ruimte wordt ingenomen, dat je bovengronds ineens beperkt kun worden wanneer je ergens groen wilt aanleggen. SmitsRinsma motiveert opdrachtgevers om ook ondergronds groene ruimtes vast te leggen, voor een beter en langer leven voor de bomen in de openbare ruimte.
‘Wij hebben nu in een aantal projecten de stelling genomen dat er ondergronds grijze én groene zones gereserveerd moeten worden’, vertelt projectleider Niek van Langen van SmitsRinsma. ‘Zodat je het belang van het groen en de claim van wat groen nodig heeft, ook met elkaar vastlegt.’ Niek merkt dat opdrachtgevers hier positief op reageren. Als voorbeeld noemt hij de Deventerweg in Zutphen die een paar jaar geleden werd opgeleverd. ‘Wij hebben dit daar al voor een groot deel weten te bewerkstelligen. Het resultaat is dat er veel minder kolken nodig zijn en dat er veel groen is gerealiseerd. Die groene zones zijn ondergronds ook groen; er liggen geen kabels en leidingen.’
Bij twee andere projecten in Zutphen heeft het groene ingenieursbureau hetzelfde bereikt; grote stroken zijn gereserveerd voor bermen met daarin bomen en daar worden geen kabels en leidingen doorheen getrokken. In Amersfoort loopt een groot reconstructieproject waar SmitsRinsma dit principe ook wil uitrollen. ‘Daar lopen nu overleggen met de nutspartijen en zij reageren positief, net als de gemeente’, weet Niek.
Groene zones in de praktijk
De aanpak begint met een analyse: welke kabels en leidingen liggen er al en blijven deze daar liggen? Daarnaast worden de wens en het ontwerp gelegd van wat er nieuw gaat komen. Vervolgens kijken de ingenieurs van SmitsRinsma in hoeverre bestaande en nieuwe tracés gecombineerd kunnen worden. ‘Vervolgens leggen we met elkaar vast dat dit het grijze tracé wordt’, legt Niek uit. ‘Maar vervolgens leggen we ook andere tracés samen vast, die gereserveerd zijn voor groen. Daarbij kijken we ook vooruit. Stel dat er in de toekomst nog kruisingen moeten komen omdat nog niet over alles een besluit is genomen, dan reserveren we daar één of twee kruisingsplekken voor. Maar dat betekent ook dat we andere stukken weer als groene zone bestempelen zodat een kabelpartij daar straks geen kabel mag trekken.’
Vernieuwde Leeuweriklaan in Zutphen. Onzichtbaar voor de gebruiker zijn er ook ondergronds groene zones gedefinieerd
Gelijkwaardig in belang
Interessant is de vraag of de zones een gelijkwaardig belang hebben en dus evenredig gewicht in de schaal leggen bij knelpunten of onvoorziene situaties. ‘Ik denk dat heel veel mensen in eerste instantie denken van niet. Maar als we dat zwaarder gaan wegen dan natuur, dan denk ik dat we de plank misslaan. De groene zones worden vastgelegd in de uitvoeringstekeningen en zo wordt het gemaakt. We zien dat gemeentes in de vergunningen die zij afgeven aan de nutspartijen ook de groene zones verankeren. Er wordt aangegeven welk tracé ze tot hun beschikking hebben. Daar mogen de kabels en leidingen worden aangelegd en niet op allerlei andere plekken. Kijk, zolang er ondergronds vrij spel is, wordt er niet over nagedacht en wordt de gemakkelijkste weg gekozen. Maar daardoor leggen we ons beperkingen op in de bovengrond en dat is niet nodig. Je kunt het ondergronds ook goed regelen, waardoor je bovengronds speelruimte hebt voor het aanplanten van bomen. Dat hoeven echt geen hele bossen te zijn, maar er ontstaat wel balans en er is in ieder geval ruimte voor groen.
Weerstand
In het beginsel was er weerstand, met name bij de nutsvoorzieningen. ‘Het vergt zeker overtuigingskracht’, lacht Niek. ‘Ivo (Stevens, red.) heeft dit nu bij een paar projecten gedaan waardoor we inmiddels wel zien hoe we dit idee over tafel kunnen krijgen en de partijen mee kunnen krijgen. Nutsvoorzieningen zijn beperkt in hun flexibiliteit en zitten qua capaciteit heel erg vol. Maar je moet op tijd aan tafel zitten met de projectontwikkelaar, de gemeente of architect en dan als ingenieursbureau je standpunt maken, met goede voorstellen komen. Nu er een aantal gerealiseerde projecten is, kunnen we ook laten zien dat het werkt. Dat zet kracht bij in de discussie. Neem nu de nieuwe situatie vs. de bestaande situatie van de Paulus Potterstraat in Zutphen. Daar is nu al 33% groen ten opzichte van 18% in de oude situatie. In absoluut percentage meer groen is dat 200% in één straat.’ Niek heeft het over groenoppervlakte op maaiveldniveau.
Groene ingenieur
Veel ingenieursbureaus zijn van oorsprong vooral civiel georiënteerd en zagen later het belang van groen in. SmitsRinsma, dat in 2023 zijn 50-jarig bestaan vierde, is van oorsprong een groen ingenieursbureau en dat DNA merk je nog in alle facetten van de bedrijfsvoering. ‘Groen is altijd de basis geweest en vanuit de integrale projecten zijn wij civieltechnisch erbij gaan doen. Ik denk dat we daarin onderscheidend zijn. Kijk zo’n idee om een groene zone reserveren ontstaat doordat wij doordenken over het vervolg: welke bomen zou je daar willen planten, wat past bij de omgeving en wat heeft de boom nodig om er z’n leven lang te kunnen staan. Want dat is ons uitgangspunt. Een boom plant je niet voor 20 jaar, maar voor z’n hele levensduur waarin de boom tot volle wasdom kan komen. Met rekenmodules bepalen we hoeveel grond en voedingsstoffen de boom nodig heeft om tachtig jaar te kunnen groeien. Het gaat wat ons betreft dus verder dan alleen een vakje tekenen dat gereserveerd is voor groen.’
Vooraf vastleggen van de ondergrondse ruimte levert volgens SmitsRinsma meer groen op en in de toekomst een kostenbesparing voor gemeenten. Behalve bovengronds ook ondergronds een verdeling maken, het klinkt heel logisch en kennelijk is nu de tijd er rijp voor.